Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen een omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van de gemeente De Bilt heeft verleend voor de kap van 17 bomen ten behoeve van de realisatie van zes bungalows op een perceel grenzend aan hun woningen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening behandeld en beoordeeld of de bezwaargronden van verzoekers een redelijke kans van slagen hebben en tot herroeping van de vergunning kunnen leiden. Daarbij is onder meer gekeken naar het eekhoornonderzoek dat het college heeft laten uitvoeren, de natuurwaarde van de bomen, de vraag of de bomen mandelig zijn en of zij beeldbepalend zijn.
De voorzieningenrechter concludeert dat het advies van de deskundige zorgvuldig is en dat de bezwaargronden onvoldoende aannemelijk maken dat de vergunning moet worden herroepen. Ook weegt de voorzieningenrechter het belang van vergunninghouder bij uitvoering van de vergunning zwaarder dan het belang van verzoekers bij het behoud van de bomen.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek af, waardoor de omgevingsvergunning in werking treedt en de kap van de bomen kan plaatsvinden. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.