ECLI:NL:RBMNE:2025:5636
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep wegens niet-tijdige beslissing op WIA-aanvraag met dwangsom en proceskostenvergoeding
Eiseres heeft op 10 december 2024 een aanvraag tot herbeoordeling ingediend bij het UWV. Verweerder heeft niet tijdig op deze aanvraag beslist, hetgeen onbetwist is en ook door verweerder is erkend. Eiseres heeft een ingebrekestelling gestuurd op 16 juli 2025, waarna de rechtbank constateert dat de wettelijke beslistermijn is overschreden.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen twee maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Gezien het tekort aan verzekeringsartsen acht de rechtbank deze termijn passend en wijkt niet af van eerdere jurisprudentie. Voor elke dag dat verweerder te laat is, wordt een dwangsom van € 100,- opgelegd, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast krijgt eiseres een proceskostenvergoeding van € 453,50 toegekend, omdat zij professionele juridische hulp heeft ingeschakeld, en wordt het griffierecht van € 53,- aan haar vergoed. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen twee maanden alsnog te beslissen met oplegging van een dwangsom en vergoeding van proceskosten.