Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar tegen een beschikking over aanvullende compensatie. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn door verweerder is overschreden en dat eiseres de ingebrekestelling correct heeft gedaan.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog uiterlijk 31 december 2026 een besluit moet nemen en legt een dwangsom op van €100 per dag vertraging, met een maximum van €15.000. Omdat reeds 42 dagen verstreken zijn sinds ingebrekestelling, wordt de dwangsom vastgesteld op €1.442.
Daarnaast moet verweerder het betaalde griffierecht van €53 aan eiseres vergoeden. Er zijn geen overige proceskosten toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter G. Schnitzler op 7 november 2025.