Uitspraak
Overwegingen ten aanzien van belastingjaar 2023 (UTR 24/1222)
.Met de taxatiematrix heeft de heffingsambtenaar de waardeverhouding tussen de woning en de referentiewoningen inzichtelijk gemaakt.
.
.Eiser voert aan dat de wijze van belastingheffing bij de WOZ onrechtmatig is. De Hoge Raad heeft voor de box 3 belastingheffing geconcludeerd dat het fictieve rendement niet meer de basis kan zijn voor een rechtmatige belastingheffing. Het veronderstellen van rendementen wordt door de Hoge Raad als in strijd met het eigendomsrecht gekwalificeerd. Bij de WOZ-waardebepaling gebeurt volgens eiser feitelijk hetzelfde. De grondslag voor de belastingheffing wordt door een fictieve waardebepaling vastgesteld, waarbij die waarde ieder jaar weer een verrassing is, omdat deze niet in lijn ligt met de gemiddelde waardeveranderingen. Je weet dus niet van tevoren hoeveel belasting je gaat betalen. Feitelijk bepaalt de gemeente [plaats] hiermee voor iedere burger in [plaats] individueel hoeveel belasting de burger moet gaan betalen. Dit is in strijd met de grondbeginselen van een rechtmatige en gelijke belastingheffing.
Overwegingen ten aanzien van belastingjaar 2024 (UTR 24/7706)
- verklaart het beroep in de zaak met zaaknummer UTR 24/1222 ongegrond;
- verklaart het beroep in de zaak met zaaknummer UTR 24/7706 gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar in de zaak met zaaknummer UTR 24/7706;
- stelt de waarde van de woning aan de [adres 1] in [plaats] voor het belastingjaar 2024 vast op een bedrag van € 1.055.000,- naar de waardepeildatum 1 januari 2023;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar de aanslag onroerendezaakbelasting en rioolheffing voor het belastingjaar 2024 dienovereenkomstig vermindert;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar in de zaak met zaaknummer UTR 24/7706;
- veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van € 11,20,- aan proceskosten aan eiser;
- draagt de heffingsambtenaar op het betaalde griffierecht van € 51,- aan eiser te vergoeden.
mr. A.A. Mulder, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op