ECLI:NL:RBMNE:2026:122
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslistermijn overschreden bij bezwaar tegen UWV, rechtbank stelt termijn en dwangsom vast
Eiseres diende op 7 april 2025 een bezwaarschrift in tegen een besluit van het UWV. Verweerder heeft niet tijdig op dit bezwaar beslist, wat onomstreden is en door het UWV zelf is erkend. De rechtbank stelt vast dat eiseres een ingebrekestelling heeft gestuurd op 15 oktober 2025 en dat sindsdien de wettelijke termijn van twee weken is verstreken zonder dat het UWV een besluit heeft genomen.
De rechtbank bepaalt dat het UWV alsnog binnen een termijn van twee maanden na verzending van deze uitspraak een beslissing moet nemen op het bezwaar. Deze termijn is gebaseerd op eerdere jurisprudentie en de omstandigheden dat het UWV kampt met een tekort aan verzekeringsartsen. Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van € 100,- per dag op voor elke dag dat de beslistermijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000.
Verder krijgt eiseres een vergoeding van € 467,- voor proceskosten, omdat zij een professionele juridische hulpverlener inschakelde, en het griffierecht van € 53,- wordt door verweerder aan eiseres vergoed. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het niet tijdig nemen van een besluit door het UWV.
Uitkomst: Het UWV moet binnen twee maanden een besluit nemen op het bezwaar en betaalt een dwangsom bij overschrijding.