ECLI:NL:RBMNE:2026:1682
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op verzoek om herbeoordeling WIA
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat dit bestuursorgaan niet tijdig heeft beslist op haar verzoek om herbeoordeling van haar WIA-uitkering. De rechtbank stelt vast dat het UWV de aanvraag op 10 november 2025 ontving en dat de ingebrekestelling op 21 januari 2026 is ontvangen, waarna twee weken zijn verstreken zonder beslissing.
De rechtbank bepaalt dat het UWV alsnog binnen twee maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Deze termijn is gebaseerd op vaste rechtspraak en sluit aan bij eerdere uitspraken, ondanks het tekort aan verzekeringsartsen dat het UWV als reden voor vertraging aanvoert. Voor elke dag dat de beslistermijn wordt overschreden, moet het UWV een dwangsom van € 100 betalen, met een maximum van € 15.000.
Daarnaast krijgt eiseres een vergoeding van € 467 voor proceskosten, omdat zij een professionele juridische hulpverlener inschakelde, en het griffierecht van € 54 wordt aan haar vergoed. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en verklaart het beroep gegrond.
Uitkomst: Het UWV moet binnen twee maanden alsnog beslissen op het herbeoordelingsverzoek, met een dwangsom bij overschrijding.