ECLI:NL:RBMNE:2026:3033
Rechtbank Midden-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tot schorsing woningontruiming wegens belangen minderjarige kinderen
Verzoekers, een samengesteld gezin met vijf minderjarige kinderen, verzochten de rechtbank om een voorlopige voorziening die de ontruiming van hun woning zou schorsen. De ontruiming was bevolen wegens een huurachterstand van ruim €8.000. Verzoekers zijn bezig met een schuldhulpverleningstraject en staan onder beschermingsbewind.
De rechtbank weegt het grote belang van de verhuurder om de huur te ontvangen af tegen het belang van verzoekers en hun kinderen om in de woning te blijven tijdens het schuldhulpverleningstraject. De rechtbank acht het belang van de kinderen zwaarwegend, mede gelet op de prejudiciële beslissing van de Hoge Raad over de rol van de rechter bij ontruimingen die kinderen treffen.
De rechtbank besluit de ontruiming op te schorten voor maximaal zes maanden, onder de voorwaarde dat de huurtermijnen tijdig worden voldaan. Tevens wordt de huurovereenkomst verlengd voor de duur van deze voorziening. De schuldhulpverlener moet uiterlijk vier weken voor het einde van de voorziening verslag uitbrengen. De beslissing is mondeling uitgesproken op 20 mei 2026.
Uitkomst: De rechtbank schorst de ontruiming van de woning voor zes maanden vanwege het belang van de minderjarige kinderen en het schuldhulpverleningstraject.