ECLI:NL:RBMNE:2026:3542
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens niet tijdig beslissen
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het vermeende niet tijdig beslissen op een disciplinaire maatregel door de korpschef van politie. Nadat op 2 januari 2026 alsnog een disciplinaire beslissing werd genomen, trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat het disciplinaire besluit niet op een aanvraag van verzoeker rust, maar ambtshalve is genomen. Hierdoor is er geen sprake van een besluit in de zin van de Awb waarop beroep mogelijk is wegens niet tijdig beslissen.
Omdat het beroep niet ontvankelijk is, kan de rechtbank ook niet overgaan tot proceskostenveroordeling. Het verzoek wordt daarom als kennelijk ongegrond afgewezen. De uitspraak is gedaan zonder zitting en in het openbaar uitgesproken op 28 mei 2026.
Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen omdat het disciplinaire besluit ambtshalve is genomen en het beroep niet ontvankelijk is.