Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart de rechtbank onbevoegd;
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene had een relatie met zijn ex-partner waaruit een zoon is geboren. Het college verstrekte bijstand aan de ex-partner en stelde een verhaalsbijdrage vast op betrokkene wegens niet-nakoming van zijn onderhoudsplicht. Betrokkene stuurde in 2011 faxberichten met een verzoek om uitleg waarom kinderalimentatie op de bijstandsuitkering in mindering wordt gebracht, met het oog op een juridische procedure. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en beval het college een beslissing te nemen.
Het college en betrokkene gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het verzoek van betrokkene geen aanvraag in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Awb was, omdat het niet gericht was op het nemen van een besluit. Hierdoor kon het niet tijdig beslissen niet gelijkgesteld worden met een besluit en was de rechtbank onbevoegd om kennis te nemen van het beroep.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde deze onbevoegd en wees het verzoek van betrokkene om schadevergoeding af. Het hoger beroep van betrokkene werd ongegrond verklaard, en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wordt onbevoegd verklaard en het verzoek tot schadevergoeding wordt afgewezen.