ECLI:NL:RBMNE:2026:4868
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over niet tijdig beslissen op bezwaar tegen UWV-besluit
De Stichting voor Christelijk Voortgezet Onderwijs voor Zuid Oost Utrecht heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV van 11 juli 2025. Omdat het UWV niet tijdig op dit bezwaar heeft beslist, heeft eiseres beroep ingesteld bij de rechtbank Midden-Nederland.
De rechtbank stelt vast dat het bezwaar op 8 augustus 2025 is ingediend en dat het UWV te laat is met het nemen van een beslissing. De rechtbank wijst erop dat een ingebrekestelling vereist is voordat beroep kan worden ingesteld, welke op 2 februari 2026 is ontvangen door het UWV. Sindsdien zijn twee weken verstreken en is het beroep op 15 april 2026 ingesteld.
De rechtbank bepaalt dat het UWV alsnog binnen een termijn van vier maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Deze termijn is gebaseerd op eerdere jurisprudentie en de omstandigheden dat het UWV kampt met een tekort aan verzekeringsartsen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €15.000.
Daarnaast wordt het griffierecht van €397 en een proceskostenvergoeding van €467 aan eiseres toegekend. Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet tijdig nemen van een besluit vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het UWV wordt opgedragen binnen vier maanden alsnog een besluit te nemen onder dreiging van een dwangsom.