ECLI:NL:RBMNE:2026:517
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.A.J. Woutersen
- Rechtspraak.nl
Inzageverzoek persoonsgegevens bij Passagiersinformatie-eenheid Nederland
Eiser verzocht de minister van Justitie en Veiligheid om inzage in zijn persoonsgegevens die door de Passagiersinformatie-eenheid Nederland (Pi-NL) zijn verwerkt. De minister gaf een overzicht van verwerkte gegevens, maar weigerde inzage in de kwalificatie van het strafbare feit, stellende dat dit geen persoonsgegeven is.
De rechtbank oordeelt dat het overzicht onvolledig is, mede omdat TRIP-overzichten meer vluchtgegevens bevatten dan het overzicht in het besluit. Tevens is de kwalificatie van het strafbare feit wel een persoonsgegeven, omdat het direct aan eiser is gekoppeld en onder de ruime definitie van persoonsgegevens valt volgens de AVG en Wpg.
De rechtbank vernietigt het besluit wegens schending van het zorgvuldigheidsbeginsel en draagt de minister op een nieuwe zoekslag te doen en een nieuw besluit te nemen met volledige inzage of een gemotiveerde weigering. De minister moet ook het griffierecht en proceskosten aan eiser vergoeden.
De rechtbank wijst erop dat er geen schending is van Europese grondrechten zoals bewegingsvrijheid of recht op eerlijk proces, aangezien de procedure correct is gevolgd en inzageverzoeken kunnen worden herhaald. De verwerking van passagiersgegevens is gerechtvaardigd in het belang van de nationale veiligheid.
De uitspraak benadrukt het belang van volledige en begrijpelijke inzage in persoonsgegevens om de rechten van betrokkenen te waarborgen en de minister dient dit zorgvuldig te behandelen in het nieuwe besluit.
Uitkomst: Het besluit van de minister wordt vernietigd en de minister moet een nieuw besluit nemen met volledige inzage in de persoonsgegevens van eiser.