ECLI:NL:RBMNE:2026:552
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslistermijn overschreden bij bezwaar WIA, dwangsom en proceskosten toegekend
Eiser diende op 23 december 2024 een bezwaarschrift in tegen een besluit van het UWV. Verweerder heeft niet tijdig op dit bezwaar beslist, wat onomstreden is. De rechtbank stelt vast dat verweerder de ingebrekestelling op 10 juni 2025 ontving en sindsdien de wettelijke beslistermijn is verstreken.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen twee maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Gezien het tekort aan verzekeringsartsen en de omstandigheden sluit de rechtbank aan bij eerdere jurisprudentie en wijst een termijn van twee maanden toe. Voor elke dag overschrijding van deze termijn wordt een dwangsom van € 100,- opgelegd, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast krijgt eiser een vergoeding van € 467,- voor proceskosten, omdat hij een professionele gemachtigde inschakelde, en het griffierecht van € 54,- wordt aan eiser vergoed. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op alsnog te beslissen binnen de gestelde termijn.
Uitkomst: De rechtbank stelt een beslistermijn van twee maanden vast, legt een dwangsom op bij overschrijding en wijst proceskosten toe aan eiser.