Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 februari 2026 in de zaak tussen
[eiseres] B.V., uit [plaats] , eiseres (werkgeefster)
Inleiding
ex-werknemer van werkgeefster, [A] (werknemer). In een besluit van
23 maart 2015 heeft het Uwv deze uitkering per 3 juni 2015 gewijzigd in een
WGA-loonaanvullingsuitkering. Werkgeefster heeft geen bezwaar gemaakt tegen deze beide besluiten.
14 april 2024 (na de uitlooptermijn van twee maanden) beëindigd.
12 februari 2025 wel beslist dat de WGA-uitkeringslasten vanaf 24 januari 2023 (twee maanden na de aanvraag tot herbeoordeling) niet meer voor rekening komen van werkgeefster.
Overwegingen
WGA-uitkeringslasten al eerder dan 24 januari 2023 niet meer voor rekening van werkgeefster hadden moeten komen. In een situatie waarin te lang een WIA-uitkering is verstrekt, kan sprake zijn van onrechtmatig handelen en schadeplichtigheid van het Uwv jegens werkgeefster. Werkgeefster zal indien hiervan sprake blijkt te zijn, het Uwv om een schadevergoeding vragen.
WIA-uitkering van werknemer had kunnen vragen. Dat heeft zij echter niet gedaan. De beroepsgrond slaagt niet.
25 juli 2019 [3] , toegelicht dat het ook niet de handelwijze van het Uwv is om dit te onderzoeken.
23 november 2022.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.J.M.T. Bouwman, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 24 februari 2026.