Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
SAMEN VEILIG MIDDEN NEDERLAND, gevestigd te Utrecht,
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 18 december 2025;
- het bericht met bijlagen van de GI van 6 januari 2026;
- het bericht met bijlagen van de GI van 15 januari 2026;
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 22 januari 2026;
- het bericht van de GI met bijlage van 26 januari 2026;
- het bericht van de GI van 28 januari 2026.
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
- Vervolgens is [minderjarige] in de nacht van 24 december 2025 weer weggelopen. Zij is pas op 23 januari 2026 teruggevonden. Beide keren dat zij werd teruggevonden was zij vervuild en in een verwaarloosde toestand.
Het was voor [minderjarige] op 23 januari 2026 niet meer mogelijk om terug te keren naar de [instelling] , omdat een jeugdige na twee weken uitgeschreven moet worden. Een plek binnen een gesloten setting kon toen niet worden gevonden. Zij is toen (met de genoemde spoedmachtiging) bij een open griep geplaatst. [minderjarige] is spoedig na haar plaatsing bij de open groep ook daar vertrokken. Het is niet duidelijk waar zij is.
nietin met de verklaring van de GI dat gesloten jeugdhulp voor [minderjarige] noodzakelijk is. De gedragswetenschapper komt tot deze conclusie omdat [minderjarige] vastbesloten is zich aan gesloten jeugdhulp te onttrekken – en hierin ook slaagt – waardoor zij niet tot behandeling komt. De gedragswetenschapper zegt hier het volgende over:
6.De beslissing
[minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2009 in [geboorteplaats] , om haar belangen te vertegenwoordigen in en buiten rechte betreffende de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing, voor de duur van de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing;
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.