Uitspraak
- GSP Form A 2003/715 (D46) en/of
- GSP Form A 2003/715 (D46) en
Rechtbank Noord-Holland
De rechtbank Noord-Holland heeft op 23 juli 2013 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte wegens het opzettelijk doen van valse douaneaangiften ten invoer van schoenen uit Cambodja en Maleisië in de periode 2001-2004. Verdachte gaf feitelijk leiding aan de onderneming die de aangiften deed, waarbij valse oorsprongscertificaten (GSP Form A) werden gebruikt om invoerrechten te ontduiken.
De verdediging voerde meerdere verweren aan, waaronder niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie wegens schending van het verdedigingsbeginsel, vertrouwensbeginsel en het ontbreken van een redelijk vermoeden van schuld, mede gebaseerd op de onbetrouwbaarheid van het OLAF-rapport. Deze verweren werden door de rechtbank verworpen. De dagvaarding werd als geldig beoordeeld ondanks vermeende innerlijke tegenstrijdigheden.
De rechtbank achtte het wettig en overtuigend bewezen dat verdachte als medepleger betrokken was bij de fraude met valse aangiften en valse gegevensdragers, en legde een taakstraf van 180 uur en een geldboete van €8.000 op. De overschrijding van de redelijke termijn werd meegewogen in de strafmaat. De rechtbank benadrukte het ernstige karakter van de feiten en de ontwrichtende werking op het economisch verkeer.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 180 uur taakstraf en een geldboete van €8.000 wegens opzettelijk doen van valse douaneaangiften met valse oorsprongscertificaten.