ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ2255
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bedrijfsopvolgingsfaciliteit en gelijkheidsbeginsel bij schenkbelasting
Eiser heeft in 2005 een huis gebouwd met leningen van zijn moeder, die hij later deels is kwijtgescholden en aan wie contanten zijn geschonken. Verweerder legde een aanslag schenkbelasting op die eiser betwistte. Het geschil betreft de toepassing van de bedrijfsopvolgingsfaciliteit op deze verkrijging.
Eiser stelt dat de faciliteit ook op privévermogen moet worden toegepast en beroept zich op het gelijkheidsbeginsel en non-discriminatiebepalingen uit het IVBPR en EVRM. Verweerder betoogt dat de faciliteit alleen geldt voor ondernemingsvermogen.
De rechtbank stelt dat de wetgever met de bedrijfsopvolgingsregeling een specifiek sociaaleconomisch doel nastreeft, namelijk het waarborgen van continuïteit van ondernemingen. Privévermogen en ondernemingsvermogen zijn daarom geen gelijke gevallen. De ongelijke behandeling is objectief en redelijk gerechtvaardigd.
Daarmee faalt het beroep van eiser en wordt de aanslag schenkbelasting gehandhaafd. De rechtbank ziet geen aanleiding tot proceskostenveroordeling en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag schenkbelasting wordt gehandhaafd.