ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ3272
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebeschikking wegens strijd met EVRM en IVBPR inzake inkeerregeling belasting
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen een boetebeschikking opgelegd door de Belastingdienst over de navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2008. De boete was opgelegd op grond van artikel 67e van de AWR, in samenhang met de gewijzigde inkeerregeling van artikel 67n AWR, die sinds 2 juli 2009 geldt.
Eiser stelde dat de nieuwe inkeerregeling niet van toepassing mocht zijn op feiten gepleegd vóór 2 juli 2009, omdat dit zou leiden tot een zwaardere straf dan die destijds gold, wat in strijd is met artikel 7 EVRM Pro en artikel 15 IVBPR Pro. De rechtbank oordeelde dat artikel 67n AWR een strafbepaling is en onder het begrip 'penalty' valt zoals bedoeld in het arrest van het EHRM van 17 september 2009 (Scoppola). Hierdoor is toetsing aan het principe van non-retroactiviteit van strafrechtelijke sancties vereist.
De rechtbank concludeerde dat de gewijzigde inkeerregeling en het overgangsrecht in artikel XV van de Wet niet onverkort toepasbaar zijn, omdat zij een strafverzwaring inhouden. Daarom blijft voor eiser de oude inkeerregeling van toepassing, waarbij geen boete wordt opgelegd. De opgelegde boete wordt vernietigd en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De boetebeschikking wordt vernietigd omdat de gewijzigde inkeerregeling in strijd is met artikel 7 EVRM en artikel 15 IVBPR.