ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ7907
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke terugvordering wegens onrechtmatige besteding Wet participatiebudget
De rechtbank Noord-Holland behandelde het beroep van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Medemblik tegen een terugvorderingsbesluit van €76.138, gebaseerd op een financiële onzekerheid in de verantwoording van participatiebudgetten over 2010.
Verweerder had het bedrag teruggevorderd omdat uit de aangeleverde verantwoordingsinformatie bleek dat de besteding niet met zekerheid kon worden verantwoord, wat volgens artikel 4, tweede lid, van de Wet participatiebudget (Wpb) leidt tot een onrechtmatige besteding. Eiser stelde dat de onzekerheid was weggenomen in een later ingediend jaarverslag, dat echter niet tijdig was ingediend en niet door verweerder was betrokken.
De rechtbank oordeelde dat verweerder gehouden was tot terugvordering en dat het jaarverslag van 12 januari 2012 niet meer in de beoordeling kon worden betrokken vanwege de strikte jaarlijkse verantwoordingssystematiek. Tevens werd geoordeeld dat verweerder de hoorplicht had geschonden door de hoorzitting niet uit te stellen terwijl bekend was dat de behandelend ambtenaar van eiser verhinderd was. Dit leidde tot vernietiging van het besluit, maar de rechtsgevolgen van het besluit bleven in stand. Verweerder werd opgedragen het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd wegens schending van de hoorplicht, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.