Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Procesverloop
2.Tussen partijen vaststaande feiten
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
5.Proceskosten
6.Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- gelast dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van € 318 vergoedt;
- kent eiseres een immateriëleschadevergoeding toe van € 500.
mr. M.C.A. Onderwater, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S. Plesman-Jalink, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 april 2014.