Uitspraak
Rechtbank noord-holland
€ 75.450.
[bedrijf-D].
Country Manager
[bedrijf-A]
gezamenlijk bevoegd met andere bestuurders
30 augustus 2005een overeenkomst gesloten inzake het navolgende onroerend goed (…)
2.450.000,-…………………………..
1 mei 2006, verkoper aan koper een boete verschuldigd is ter grootte van
€ 20.000,-voor iedere maand dat er later wordt opgeleverd. Deze bepaling geldt tot uiterlijk
1 april 2007. (…)
€ 54.000 per jaar kan opbrengen.
1.Beloning BV
2.Financiering door de heer [persoon-A] en de heer [x]
3.Andere huurders
6.Mogelijke verkoop
de rechtbank begrijpt: november] 2005 hebben wij aangegeven dat mogelijk in de toekomst het pand zal worden verkocht. Een en ander is hypothetisch, de heren [persoon-A] en [x] hebben niet het voornemen om het pand te verkopen. Het zal u niet verbazen dat de genoemde makelaar heeft aangegeven dat het pand een hogere waarde heeft indien het volledig is verhuurd en dat hij dan graag op zoek gaat naar een mogelijke koper. De heren [persoon-A] en [x] hebben aangegeven dat zij het pand willen gebruiken voor de activiteiten van [[bedrijf-A]] en de dan nog beschikbare ruimte willen verhuren aan derden. De verhuur zal door genoemde makelaar worden begeleid.”
verkoper”; en
[persoon-A](…);
[x](…),
koper”;
[bedrijf-A]”.
[persoon-A](…);
[x](…),
verkoper;
koper.
Opmerking verbalisanten
Ik ken dit stuk niet. Ik was niet op de hoogte van het bod van [bedrijf-F]. Ik wist wel dat [persoon-A] en [x] contact hadden met [bedrijf-K]”
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de navorderingsaanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 124.261 en een belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang van
- vermindert de heffingsrente dienovereenkomstig;
- vermindert de vergrijpboete tot € 72.950;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit;