Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 mei 2015 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
[derde belanghebbende], te [woonplaats] (hierna: vergunninghouder).
Rechtbank Noord-Holland
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer verleende een omgevingsvergunning voor het bouwen van een dakopbouw met terras op een woning, ondanks dat de goothoogte van 7 meter werd overschreden. Eiser maakte bezwaar en stelde onder meer dat het dakterras niet vergund mocht worden en dat het stedenbouwkundig advies onvoldoende was onderbouwd.
De rechtbank overwoog dat de vergunning terecht was verleend op grond van artikel 2.12 Wabo en de Beleidsregels afwijking bestemmingsplan 2012. De dakopbouw met terras valt onder de categorie kruimelgevallen en het college heeft een positief ruimtelijk advies gekregen. Het bestemmingsplan vereist geen kap als derde bouwlaag, en de belangenafweging door het college was redelijk, mede gelet op het normaal maatschappelijk risico van het wonen in een stedelijke omgeving.
De rechtbank vond dat de schaduwhinder en vermindering van uitzicht niet onevenredig nadelig waren en dat het college voldoende heeft gemotiveerd waarom het mocht afwijken van het bestemmingsplan. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor de dakopbouw met terras wordt ongegrond verklaard.