ECLI:NL:RBNHO:2016:8830
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Dwangsom wegens niet tijdig beslissen is loon voor loonbelasting
Eiser, een politiebeambte, verzocht de korpschef om herwaardering van zijn functie, maar deze wees het verzoek af. Omdat de korpschef niet tijdig op het bezwaar besloot, verbeurde hij een dwangsom van €490, die aan eiser werd uitbetaald. Over dit bedrag werd loonheffing ingehouden, wat eiser betwistte.
De rechtbank stelde vast dat eiser in een publiekrechtelijke dienstbetrekking staat tot de politie en dat de dwangsom voortvloeit uit zijn rechtspositie als werknemer. De dwangsom is geen vergoeding voor immateriële schade, maar een voordeel dat uit de dienstbetrekking wordt genoten. Daarom moet de dwangsom als loon worden beschouwd waarop loonbelasting verschuldigd is.
Eiser voerde aan dat dit tot een ongeoorloofd onderscheid leidt met andere belanghebbenden die ook dwangsommen ontvangen, maar niet worden belast. De rechtbank verwierp dit standpunt omdat in die gevallen geen dienstbetrekking bestaat. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de dwangsom als loon wordt aangemerkt waarover loonbelasting moet worden geheven.