Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
3.De beslissing
25 april 2018voor het nemen van een akte door beide partijen waarin zij zich uitlaten over de aangekondigde deskundigenrapportage als bedoeld in 2.10,
Rechtbank Noord-Holland
In deze civiele bodemzaak vordert eiser, een besloten vennootschap, de gedwongen overname van haar aandelen in gedaagde besloten vennootschap wegens wanprestatie door gedaagden. De kern van het geschil betreft de vaststelling en terugvordering van managementvergoedingen die niet conform de overeenkomst zijn vastgesteld en betaald.
De rechtbank oordeelt dat gedaagden onvoldoende inzicht hebben gegeven in de gewerkte uren van de betrokkene en dat de vastgestelde managementvergoeding niet conform de overeengekomen criteria is vastgesteld. Ondanks meerdere kansen heeft gedaagde partij nagelaten het nadeel voor eiser weg te nemen, waardoor sprake is van een zwaarwichtige reden voor toewijzing van de vordering op grond van artikel 2:343 BW Pro.
De rechtbank gelast een deskundigenbericht om de waarde van de aandelen te bepalen, waarbij zowel de waarde op het moment van het vonnis als op 1 januari 2015 (peildatum van schadeveroorzakende gebeurtenissen) wordt onderzocht. Tevens wordt een billijke verhoging overwogen indien waardevermindering niet volledig voor rekening van eiser behoort te komen.
De rechtbank staat tussentijds hoger beroep toe en houdt verdere beslissingen aan, waarbij partijen zich eerst mogen uitlaten over de deskundigenrapportage en de te benoemen deskundige.
Uitkomst: Vordering tot gedwongen overname van aandelen toegewezen met gelaste deskundigenrapportage voor waardebepaling.