ECLI:NL:RBNHO:2020:10625
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen bron van inkomen bij advies- en softwareactiviteiten, wel immateriële schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
Eiser, werkzaam in advies, dienstverlening en softwareontwikkeling, voerde aan dat zijn activiteiten een onderneming vormden met recht op ondernemersfaciliteiten zoals zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling. De Belastingdienst had dit betwist en een aanslag opgelegd zonder deze faciliteiten toe te passen.
De rechtbank stelde vast dat eiser vanaf 2008 tot en met 2018 geen positief resultaat behaalde en dat er geen concrete aanwijzingen waren dat dit zou veranderen. Hierdoor was geen sprake van een objectieve voordeelsverwachting en dus geen bron van inkomen. Ook het beroep op discriminatie vanwege verschillende behandeling van rechtsvormen werd verworpen.
Verder oordeelde de rechtbank dat geen schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur, de Grondwet of het EVRM had plaatsgevonden. Wel werd een immateriële schadevergoeding van €1.500 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn in de procedure, mede veroorzaakt door uitstelverzoeken van eiser.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de Staat werd veroordeeld tot betaling van de schadevergoeding en het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard; geen bron van inkomen, maar wel €1.500 immateriële schadevergoeding wegens termijnoverschrijding.