ECLI:NL:RBNHO:2020:3880
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit arbeidsongeschiktheid wegens onvoldoende motivering duurzaamheid
De rechtbank Noord-Holland behandelde het beroep van eiseres tegen het besluit van verweerder dat haar volledige arbeidsongeschiktheid niet duurzaam zou zijn. De kern van het geschil betrof de vraag of er een redelijke of goede verwachting bestaat dat de arbeidsongeschiktheid zal verbeteren.
In een eerdere tussenuitspraak werd verweerder in de gelegenheid gesteld om het besluit beter te motiveren. Verweerder diende een aanvullende rapportage in van een internist, waarin werd gesteld dat er een kans bestaat op verbetering van de diabetesregulatie en mogelijk ook van de gastroparese, maar zonder duidelijkheid over de omvang of waarschijnlijkheid hiervan.
De rechtbank oordeelde dat deze rapportage onvoldoende duidelijkheid bood over de kans op herstel en dat de motivering van verweerder tekortschiet. Het feit dat verbetering niet uitgesloten is, betekent niet dat er een redelijke verwachting op herstel bestaat.
Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering van de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid.