Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.PROCESVERLOOP
2.BEOORDELING VAN HET VERZOEK
Het verzoek tot wraking moet daarom kennelijk niet-ontvankelijk worden verklaard.
“Beleefd willen wij de rechtbank er op wijzen dat al tijdens de zitting van 4 januari 2019
3.Beslissing
mr. I. Lips, leden van de wrakingskamer, in tegenwoordigheid van D.H. Geuze, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 2 juli 2020.