ECLI:NL:RBNHO:2020:7464
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek terugvordering WAO-uitkering wegens hennepteelt
Eiser ontvangt sinds 2004 een WAO-uitkering vanwege arbeidsongeschiktheid. Verweerder stopzette in 2016 de uitbetaling over de periode 2012-2014 en vorderde onverschuldigde betalingen terug wegens inkomsten uit hennepteelt. Tevens werd een boete opgelegd omdat eiser dit niet had gemeld. Eiser trok bezwaar tegen deze besluiten in, waardoor deze onaantastbaar werden.
Eiser verzocht vervolgens herziening van deze besluiten op grond van een strafrechtelijk arrest waarin hij werd veroordeeld voor één hennepoogst, wat hij interpreteerde als een kortere periode dan verweerder had aangenomen. Verweerder wees dit verzoek af wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden, conform artikel 4:6 Awb Pro.
De rechtbank overweegt dat het bestuursorgaan bevoegd is herhaalde aanvragen inhoudelijk te beoordelen, maar ook mag afwijzen als geen nieuwe feiten zijn aangevoerd. Het strafrechtelijke arrest vormt geen nieuw feit in bestuursrechtelijke zin. De rechtbank bevestigt dat de eerdere besluiten terecht zijn genomen en dat het beroep ongegrond is.
Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter Lauryssen op 9 september 2020 en kan binnen zes weken worden bestreden bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het afwijzen van het herzieningsverzoek wordt ongegrond verklaard.