ECLI:NL:RBNHO:2021:4082
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens termijnoverschrijding bij zorgmachtiging Wvggz
Op 24 september 2020 verleende de rechtbank Noord-Holland een zorgmachtiging aan verzoekster, geldig tot 24 maart 2021. De officier van justitie diende het verzoek tot verlenging van deze zorgmachtiging echter pas op 5 maart 2021 in, wat negen dagen na de uiterste datum van 24 februari was. Verzoekster stelde hierdoor immateriële schade te hebben geleden door onzekerheid en stress tijdens haar verblijf in een instelling met bewegingsbeperkingen.
De rechtbank oordeelde dat de termijnoverschrijding was vastgesteld en dat verzoekster voldoende aannemelijk had gemaakt schade te hebben geleden. De officier van justitie betwistte dit niet. Op grond van artikel 10:12 lid 3 Wvggz Pro kent de rechtbank een schadevergoeding toe, waarbij rekening wordt gehouden met de ernst van de normschending en de gevolgen voor verzoekster.
Hoewel verzoekster aanspraak maakte op €100 per dag, vergelijkbaar met bedragen in het strafrecht voor onrechtmatige voorlopige hechtenis, vond de rechtbank dit niet passend omdat verzoekster verbleef op basis van een nog geldige zorgmachtiging. De rechtbank achtte een vergoeding van €10 per dag billijk en kende daarom €90 toe. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad en er staat hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank kent verzoekster een schadevergoeding toe van €90 wegens een negen dagen overschrijding van de termijn voor verlenging van de zorgmachtiging.