Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
- de bekennende verklaring van de verdachte op de terechtzitting van 11 april 2022 afgelegd;
- het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van aangifte van 25 januari 2017 (pagina 506 e.v.);
- het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van 12 februari 2017 (dossierpagina 645 e.v.).
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Toepasselijke wettelijke voorschriften
8.Beslissing
36 (zegge: zesendertig) maanden, met bevel dat van deze straf een gedeelte, groot
6 (zegge: zes) maanden,
nietten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat de verdachte voor het einde van de op twee jaren bepaalde proeftijd zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.