Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het overtreden van een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen, aangeduid met bord C6 RVV 1990. Betrokkene voerde aan geen spitsrijder te zijn en enkel boodschappen te hebben gedaan, maar de kantonrechter oordeelde dat betrokkene zich had moeten vergewissen van de aanwezige bebording. Opzet is niet vereist voor het opleggen van de boete.
Daarnaast stelde betrokkene dat de maandelijkse schouw niet correct was uitgevoerd omdat de schouwrapporten meer dan een maand uit elkaar lagen. De kantonrechter stelde dat een maandelijkse schouw voldoende is, ook als deze niet exact om de 30 of 31 dagen plaatsvindt.
Betrokkene verzocht ook om matiging van de boetes omdat meerdere boetes waren opgelegd voor dezelfde overtreding. De kantonrechter oordeelde dat de overtredingen op verschillende tijdstippen plaatsvonden en dus aparte overtredingen zijn, waardoor matiging niet standaard wordt toegepast. Geen bijzondere omstandigheden waren aanwezig die matiging rechtvaardigen.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek tot vergoeding van proceskosten werd afgewezen. Betrokkene was niet op de zitting verschenen om zijn standpunten toe te lichten.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor het overtreden van de geslotenverklaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot matiging afgewezen.