Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De verdere procedure
2.De verdere beoordeling
om twijfels daarover weg te nemen’.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
In deze civiele bodemzaak tussen Holland Op Stoom B.V. en een gedaagde partij heeft de kantonrechter de incassobedingen getoetst op eerlijkheid. Ondanks dat de eisende partij stelde een veertiendagenbrief te hebben gestuurd en geen hogere incassokosten dan wettelijk toegestaan te vorderen, oordeelde de kantonrechter dat de combinatie van incassobedingen oneerlijk is omdat deze de mogelijkheid schept om de gedaagde met hogere kosten te belasten dan wettelijk is toegestaan.
De eisende partij had aangegeven de oneerlijke bedingen aan te passen, maar dit werd niet meegenomen in de beoordeling. De incassobedingen werden vernietigd en de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten afgewezen. Ten aanzien van de (pre)contractuele informatieplichten bleef de kantonrechter bij het eerdere tussenvonnis.
De kantonrechter wees een bedrag van € 1.155,55 toe als hoofdsom, zijnde 90% van het gevorderde bedrag, en kende wettelijke rente toe vanaf de dag van dagvaarding over dit bedrag. De gevorderde rente over het te hoge bedrag werd afgewezen. De gedaagde werd veroordeeld tot betaling van proceskosten, maar de kosten van de akte kwamen voor rekening van de eisende partij. Het griffierecht werd beperkt tot het toe te wijzen bedrag.
Uitkomst: Incassobedingen vernietigd, hoofdsom van € 1.155,55 toegewezen met rente, incassokosten afgewezen.