De werknemer is sinds augustus 2021 in dienst bij AXA als Legal and Corporate Officer. AXA heeft een ontslagvergunning aangevraagd bij het UWV, maar deze is geweigerd vanwege onvoldoende herplaatsingsinspanningen. Vervolgens verzoekt AXA de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst op bedrijfseconomische gronden.
De werknemer heeft zich beroepen op opzegverboden wegens ziekte en overgang van onderneming, en op bescherming uit de Wet bescherming klokkenluiders. De kantonrechter oordeelt dat de werknemer sinds maart 2025 volledig hersteld is en dat het opzegverbod wegens ziekte niet meer geldt. Ook is geen sprake van een opzegverbod wegens overgang van onderneming. De klokkenluidersbescherming wordt erkend, maar AXA heeft aannemelijk gemaakt dat het ontbindingsverzoek geen verband houdt met de meldingen.
De kantonrechter stelt vast dat de functie van de werknemer bedrijfseconomisch is komen te vervallen vanwege inefficiënties en herstructurering binnen AXA. AXA heeft voldoende herplaatsingsinspanningen verricht, ondanks het gebrek aan medewerking van de werknemer. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden met ingang van 1 maart 2026. De werkgever wordt veroordeeld tot betaling van een transitievergoeding van €8.409,41 en het netto-equivalent van 89 opgebouwde maar niet genoten vakantiedagen. Een billijke vergoeding wordt afgewezen. Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.