4.3.3Bewijsmotivering feit 3 – witwassen
Op 30 juli 2024 heeft een doorzoeking plaatsgevonden in de woning van de verdachte aan de [adres] . Tijdens deze doorzoeking is het volgende in beslag genomen: een Volkswagen Up, Rolex horloge, een smartwatch, verschillende telefoons en meerdere contante bedragen ter hoogte van in totaal € 7.150,-. Samen met het onder de verdachte (in diens broekzak) aangetroffen geldbedrag van € 257,- bedraagt dit het tenlastegelegde geldbedrag van € 7.407,-. Er is vervolgens onderzoek gedaan naar de herkomst van de aangetroffen gelden en goederen en naar de geldstromen op de bankrekeningen van de verdachte. Dit heeft geleid tot de beschuldiging dat de verdachte deze goederen en geldbedragen heeft witgewassen.
Juridisch kader witwassen
Voor een bewezenverklaring van witwassen is vereist dat komt vast te staan dat de in de tenlastelegging vermelde goederen en geldbedragen middellijk of onmiddellijk van enig misdrijf afkomstig zijn en dat de verdachte dat ook wist of redelijkerwijs kon vermoeden.
Het onderzoek in de onderhavige zaak heeft geen direct bewijs opgeleverd voor een criminele herkomst van de in de tenlastelegging opgenomen goederen en geldbedragen. Indien op grond van de beschikbare bewijsmiddelen geen rechtstreeks verband valt te leggen tussen het voorwerp en een bepaald misdrijf, kan niettemin bewezen worden geacht dat een voorwerp ‘uit enig misdrijf’ afkomstig is, indien de vastgestelde feiten en omstandigheden van dien aard zijn dat sprake is van een vermoeden van witwassen.
Als zo’n geval zich voordoet, mag van de verdachte worden verlangd dat hij een verklaring geeft voor de herkomst van de gelden en voorwerpen die concreet, min of meer verifieerbaar en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijk is. Bij de beoordeling van deze verklaring spelen de omstandigheden waaronder en het moment en de wijze waarop deze tot stand is gekomen mede een rol. Zo kan het van belang zijn of de verdachte vanaf het begin een tegenwicht tegen de verdenking heeft geboden of dat hij eerst in een laat stadium van het onderzoek is gaan verklaren op een wijze die aan de hiervoor genoemde vereisten voldoet.
Zodra het door de verdachte geboden tegenwicht daartoe aanleiding geeft, ligt het vervolgens op de weg van het Openbaar Ministerie om nader onderzoek te doen naar de, uit de verklaringen van de verdachte blijkende, alternatieve herkomst van het geld en de voorwerpen. Uit de resultaten van een dergelijk onderzoek zal dienen te blijken dat met voldoende mate van zekerheid kan worden uitgesloten dat de gelden of voorwerpen waarop de verdenking betrekking heeft, een legale herkomst hebben en dat dus een criminele herkomst als enige aanvaardbare verklaring kan gelden.
Toerekenen van de bedragen en voorwerpen aan de verdachte
Voordat de rechtbank toekomt aan de beoordeling van de vraag of een witwasvermoeden bestaat met betrekking tot de in beslaggenomen voorwerpen en geldbedragen, gaat de rechtbank eerst na of elk van deze voorwerpen en bedragen aan de verdachte kan worden toegeschreven, ook omdat de verdachte van een aantal voorwerpen heeft aangegeven dat deze niet van hem zijn. In de woning waar op 30 juli 2024 de doorzoeking heeft plaatsgevonden, woont namelijk niet alleen de verdachte maar wonen ook vijf andere familieleden van de verdachte, onder wie zijn ouders.
Volkswagen Up
Deze auto kan aan de verdachte worden toegeschreven. De auto stond op naam van de verdachte en de verdachte heeft ter zitting bekend dat de auto van hem was.
Rolex horlogeOok het Rolex horloge kan aan de verdachte worden toegeschreven gelet op de omstandigheden waaronder dit horloge is aangetroffen. Het horloge bevond zich in de directe nabijheid van de verdachte. Het horloge is namelijk op 30 juli 2024 in de tuin op een tuinstoel aangetroffen terwijl de verdachte kort daarvoor in de tuin is aangehouden. Het is onwaarschijnlijk dat een duur Rolex horloge, indien die niet aan de verdachte zou toebehoren, zomaar op een tuinstoel zou liggen. Daarbij weegt de rechtbank mee dat de verdachte tijdens zijn aanhouding zich wilde ontdoen van een telefoon door deze over de schutting te gooien. De rechtbank acht het daarom aannemelijk dat de verdachte heeft geprobeerd zich te ontdoen van een horloge dat van hem was.
Smartwatch
De verdachte heeft over de smartwatch verklaard dat hij deze van zijn vriendin heeft gekregen, zodat deze ook aan hem kan worden toegeschreven.
Telefoons
De verdachte wordt verweten drie iPhones (Apple) en een Samsungtelefoon te hebben witgewassen. In het uitgebreide dossier komen verschillende telefoons voor en er zijn ook diverse telefoons in beslag genomen. In de tenlastelegging is niet gespecificeerd
welke specifieketelefoons de verdachte zou hebben witgewassen (anders dan de merkaanduiding).
Gelet op de ter zitting gegeven toelichting van de officier van justitie in combinatie met het dossiergaat de rechtbank ervan uit dat het de volgende telefoons betreft die de politie op de dag van de aanhouding van de verdachte (30 juli 2024) tijdens de doorzoeking van de woning van de verdachte en zijn familie, op de volgende plekken heeft aangetroffen:
een iPhone 12 (goednummer: NHRAB24002_824515 / [beslagcode] .01.01.001 en item 10 beslaglijst), aangetroffen in de steeg bij de poortdeur;
een witte/champagnekleurige iPhone 8 ( [beslagcode] .02.01.005), aangetroffen op de slaapkamer op de eerste verdieping, achter links (op de plattegrond aangeduid als slaapkamer 02);
een zwarte iPhone 11 ( [beslagcode] .04.01.002), aangetroffen op de slaapkamer op de eerste verdieping aan de voorzijde (op de plattegrond aangeduid als slaapkamer 04);
een zwarte Samsungtelefoon (goednummer: PL1100-NHRAB24002_824536/ [beslagcode] .11.01.001 en item 14 van de beslaglijst), aangetroffen in een keukenla.
De rechtbank oordeelt als volgt over de telefoons uit de tenlastelegging. De iPhone 12 (onder a) kan aan de verdachte worden toegeschreven. Deze telefoon is in de steeg naast het huis aangetroffen, terwijl de politie heeft gezien dat de verdachte een telefoon over de schutting heeft gegooid. Daarnaast heeft de verdachte ter zitting verklaard dat deze telefoon van hem was.
Ten aanzien van de andere telefoons kan niet worden vastgesteld dat deze toebehoorden aan de verdachte. Deze telefoons zijn immers op verschillende plekken in het huis aangetroffen en kunnen ook toebehoren aan de overige familieleden die daar wonen. Dat de moeder van de verdachte heeft verklaard dat de verdachte gebruik maakte van zowel slaapkamer 02 als slaapkamer 04 is, zonder nader onderzoek van de telefoons die op deze kamers zijn aangetroffen, onvoldoende om deze voorwerpen aan de verdachte toe te schrijven.
Contant geld
Tijdens de doorzoeking van de woning zijn de volgende contante bedragen aangetroffen en in beslag genomen:
IBN-code
Goednummer
Omschrijving en vindplaats
Totaal
[beslagcode] .01.001
NHRAB24002-824514
Broekzak van de verdachte
€ 257,-
[beslagcode] .02.01.007
NHRAB24002-824522
2 x € 50,-, 1 x € 100,
nachtkastje in de slaapkamer op de eerste verdieping achter links (kamer 02)
€ 200,-
[beslagcode] .03.01.001
NHRAB24002-824523
100 x € 50,-, overloop eerste verdieping in een gat in het plafond
€ 5.000,-
[beslagcode] .04.01 001
NHRAB24002-824524
18 x € 50,- in de slaapkamer voor
(kamer 04) op het nachtkastje
€ 900,-
[beslagcode] .05.02.001
RAB24002-824527
3x € 50,-, 1 x € 20,- en 1 x € 10,-, in jurk op bed, in slaapkamer rechtsachter (kamer 05)
€ 180,-
[beslagcode] .06.01 001
NHRAB24002-824530
13 x € 50,-, in de schoenenkast in de gangkast beneden
€ 650,-
[beslagcode] .11.01.002
NHRAB24002-824537
11 x € 20,-, in een keukenla
€ 220,-
Totaal:
€ 7.407,-
Zoals blijkt uit bovengenoemde tabel is er op diverse plekken in de woning geld gevonden. Uit het dossier blijkt dat de moeder van de verdachte op verzoek van de politie op verschillende plekken in het huis stapeltjes geld heeft aangewezen. Zij verklaarde hierover dat zij dit geld had gespaard van de kinderbijslag met als doel er de vakantie naar Marokko van te betalen.
Gelet op de variëteit aan vindplaatsen van het geld, het aantal gezinsleden dat in het huis woonde (te weten: zes) en de verklaring van de moeder van de verdachte over de herkomst van het geld, kunnen de verschillende bedragen niet zomaar aan de verdachte worden toegeschreven, in die zin dat het geld was dat hem toebehoorde of dat hij anderszins – al dan niet samen met anderen – voorhanden had.
De verdachte heeft verklaard dat kamer 02 zijn slaapkamer was, zodat de rechtbank van oordeel is dat alleen het bedrag van € 200,-, en het bedrag dat is aangetroffen in de broekzak van de verdachte (€ 257,-), aan hem kunnen worden toegeschreven. Ten aanzien van de overige geldbedragen geldt dat daarvoor op grond van het dossier onvoldoende aanwijzingen of aanknopingspunten bestaan.
Het witwasvermoeden
Op grond van de inhoud van het dossier en het verhandelde op de zitting stelt de rechtbank het volgende vast.
Bij de doorzoeking in de woning van de verdachte aan de [adres] zijn de hierboven genoemde voorwerpen aangetroffen. Uit de gegevens van de Belastingdienst blijkt dat er geen inkomen, omzetgegevens, loongegevens en geen namen van mogelijke werkgevers van de verdachte bekend zijn. De verdachte beschikte in 2023 over drie bankrekeningen zonder saldo dan wel met een negatief saldo. In 2024 heeft de verdachte wel zorgtoeslag ontvangen, in 2024 werd een bedrag van € 1.483,00 aan zorgtoeslag toegekend.
Rolex horloge
Met betrekking tot het Rolex horloge neemt de rechtbank een witwasvermoeden aan, mede gelet op de aard van het goed (te weten: een luxeproduct) en de waarde ervan (te weten: een taxatiewaarde van € 8.000,-). Vaststaat dat de verdachte geen legaal inkomen uit arbeid of een uitkering genoot. Evenmin is gebleken dat hij anderszins over legale financiële middelen beschikte waarvan hij een dergelijk kostbaar horloge zou kunnen financieren. Daarbij komt dat ten aanzien van hem ook bewezen wordt verklaard dat hij gedurende een aantal maanden in verdovende middelen heeft gehandeld.
Volkswagen Up
Uit de gegevens van de Belastingdienst blijkt dat de handelswaarde van deze auto op 26 juli 2024 € 3.888,- is. De verdachte heeft ter zitting bevestigd dat de auto, die ook op zijn naam staat, van hem is. Hij heeft verder verklaard dat hij het aankoopbedrag van deze auto (€ 4.750,-) heeft voldaan door een andere auto (een Kia Rio, die hij samen met zijn broer en vader had aangeschaft) hiervoor in te ruilen. Hij heeft daarbij geen bedrag hoeven bij te betalen. Uit het dossier blijkt dat er inderdaad op 29 april 2024 op deze wijze voor de Volkswagen Up is betaald.
Tegen deze achtergrond is de rechtbank van oordeel dat niet zonder meer een vermoeden van witwassen kan worden aangenomen. De Volkswagen Up is immers betaald door het inleveren van een Kia Rio, terwijl er in het dossier geen gegevens beschikbaar zijn over de aanschaf en wijze van betaling van de Kia Rio.
Telefoon (iPhone 12), smartwatch en contante geldbedragen (€ 257- en € 200,-)
Met betrekking tot deze voorwerpen neemt de rechtbank geen witwasvermoeden aan. Voor de telefoon en de smartwatch geldt dat het gaat om voorwerpen die naar hun aard en waarde, ook in het licht van de in het dossier aangedragen feiten en omstandigheden, geen vermoeden van witwassen rechtvaardigen. Het gaat immers om veel voorkomende gebruiksvoorwerpen die een relatief geringe waarde hebben (€ 250,- respectievelijk € 190,-). Voor de smartwatch geldt bovendien dat de verklaring van de verdachte dat hij deze als cadeau van zijn vriendin heeft gekregen, de rechtbank niet onaannemelijk voorkomt. Voor het aangetroffen geldbedrag dat aan de verdachte kan worden toegeschreven geldt dat de hoogte daarvan niet zodanig is dat deze een vermoeden van witwassen rechtvaardigt. Ook de plaatsen waar het geld is gevonden, dragen daaraan niet bij. Het moge zo zijn dat van de verdachte geen legaal inkomen uit arbeid of een uitkering bekend was en hij zich enige tijd met de handel in verdovende middelen heeft beziggehouden. Daarentegen stelt de rechtbank vast dat aan de verdachte in 2024 wel een bedrag aan zorgtoeslag is toegekend van meer dan € 1000,- en dat de verdachte nog bij zijn ouders woonde en, zoals hij zelf op de zitting heeft verklaard, geen duur leven had.
De verklaring van de verdachte en oordeel van de rechtbank
De conclusie is dat alleen ten aanzien van het Rolex horloge een vermoeden van witwassen bestaat. Gelet op dit vermoeden mag vervolgens van de verdachte worden verlangd dat hij een verklaring geeft voor de herkomst van dit horloge die concreet, min of meer verifieerbaar en niet op voorhand als hoogst onwaarschijnlijk is aan te merken.
De verdachte heeft eerder, tijdens een raadkamerzitting van het hof Amsterdam op 26 maart 2025, verklaard dat het Rolex horloge van “
iemand anders” was. De raadsman heeft toen in aanvulling hierop aangekondigd dat de verdediging voor de inhoudelijke behandeling een lijst zou presenteren waarop zou staan aan wie welk goed behoort. Deze lijst heeft de rechtbank niet ontvangen. Pas ter zitting heeft de verdachte verklaard dat het horloge van zijn oom zou zijn en dat hij niet zou weten hoe het horloge van zijn oom in de tuin terecht is gekomen. Deze verklaring is, tegen de hiervoor geschetste gang van zaken, niet onderbouwd en ook niet verifieerbaar voor de rechtbank. Dat betekent dat het witwasvermoeden in stand blijft. Bij gebreke aan een verifieerbare verklaring, komt de rechtbank dan ook tot de conclusie dat het niet anders kan zijn dat het Rolex horloge – direct of indirect – uit enig misdrijf afkomstig is en dat verdachte dit wist. Verdachte heeft zich dus schuldig gemaakt aan witwassen.