Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[eiser], te [woonplaats], eiser
Belastingdienst/kantoor Groningen, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
“
Dit gesprek had voornamelijk een orienterend karakter. De ontwikkeling van het nieuwe belastingstelsel is ter sprake gekomen met name met betrekking tot de onroerende zaken van de heer [eiser].Het grootste deel van de onroerende zaken heeft betrekkinghebbenop normaal vermogensbeheer. Er vinden nauwelijks mutaties plaats. In 2001 is sprake van positionering in box 3.Voor een aantal onroerende zaken, en dan bedoel ik de panden op de [straatnaam] die te maken hebben met de uitoefening van prostitutie, is sprake van werkzaamheden die het gewone vermogensbeheer te boven gaan. Er wordt dagelijks geld opgehaald, dagelijks wordt de stand van zaken opgenomen. De ontwikkelingen op het gebied van prostitutie worden nauwlettend gevolgd. Er vindt overleg plaats met een coordinatrice. Etc. De opbrengsten en kosten van deze panden zullen in box 1 gaan vallen. De waarde van deze panden zal in overleg per 1-1-2001 getaxeerd dienen te worden.“.
“
4 Kasadministratie4.1 AlgemeenDe kasadministratie wordt op de volgende wijze gevoerd:“De ontvangen bedragen worden per locatie en kamernummer op een envelop vermeldt en dagelijks door dhr. [eiser] ontvangen.4.2 KwitantiesDoor de exploitant worden sinds maart 2007 kwitanties afgegeven aan de sekswerkers.”.
“
Op 15 november hebben wij op uw kantoor een voorlichtingsbezoek inzake de omzetbelasting bij raamprostitutie gegeven aan u en uw cliënt de heer [eiser], sofi-nummer [nummer]. U vroeg toen ook naar de inkomstenbelasting. U verklaarde dat de heer [eiser] een afspraak had gemaakt met de heer [Y] van het belastingkantoor [plaats 1] over de belastbaarheid van deze panden.Deze afspraak zou inhouden dat de inkomsten belast zouden worden in Box 3. Dit betreft vermoedelijk een mondelinge afspraak, daar er in onze systemen niets van is vastgelegd.Indien deze afspraak bestaat is hij niet in overeenstemming met onze werkwijze. Wij zijn van mening dat verhuur van kamers ten behoeve van raamprostitutie het normale vermogensbeheer ruimschoots te boven gaan en dat de inkomsten hieruit voor de inkomstenbelasting belast zal zijn in Box 1.Indien het bestaan van deze afspraak al kan worden aangetoond, zeg ik hem in ieder geval per 31 december 2007 op.
“1 Reikwijdte van het bezoekDit controlerapport geeft de uitkomsten weer van het afgelegde bezoek en vermeldt de standpunten van de belastingdienst. De opgenomen informatie heeft slechts tot doel de heffing en inning van belasting te ondersteunen. Het rapport is slechts met dit oogmerk geschreven en is niet bedoeld voor andere doeleinden.Het bedrijfsbezoek heeft zich beperkt tot de volgende elementen:- het waarnemen van de actuele bedrijfsactiviteiten;- het vaststellen van de voorraad in de coffeeshop;- het beoordelen van de actuele administratieve vastleggingen;- het beoordelen van de kasadministratie;- het vaststellen van de identiteit en het aantal in de onderneming kennelijk in loondienst werkzame personen;- het beoordelen of aan de werkgeversverplichtingen is voldaan;Met nadruk wordt erop gewezen dat aan dit bezoek geen vertrouwen kan worden ontleend betreffende de aanvaardbaarheid van enige fiscale aangifte.(…)11 AfsprakenMet zijn de volgende afspraken gemaakt:- de kopie-identiteitsbewijzen zullen voortaan aanwezig zijn op het bedrijfsadres.- met ingang van heden zult u een kasboek bijhouden waaruit de dagelijkse inkomsten en uitgaven blijken.12 SlotopmerkingenOnze bevindingen zullen worden vastgelegd. De bevindingen zijn (nog) niet vergeleken met de door u in het verleden gedane belastingaangiften. U kunt aan dit bezoek dan ookniethet vertrouwen ontlenen dat de door u in het verleden ingediende aangiften daarmee zijn gecontroleerd en akkoord bevonden.Het is zeer wel mogelijk dat de verantwoordelijke belastinginspecteur bij de beoordeling van door u ingezonden aangiftebiljetten, nog op deze waarneming terugkomt. Bijvoorbeeld in de vorm van aanvullende vragen.Wellicht ten overvloede wordt nog opgemerkt dat de administratie zelf niet is beoordeeld. Uiteraard kan dan ook niet geconcludeerd worden dat de Belastingdienst aan die administratie haar goedkeuring verleent.”
.
“
Met nadruk wordt er op gewezen dat aan dit bezoek geen vertrouwen kan worden ontleend betreffende de aanvaardbaarheid van enige fiscale aangifte.”.
“
InformatiebeschikkingIk stel vast dat er voor de inkomstenbelasting voor het belastingjaar 2007 niet is voldaan aan de informatieplicht ingevolge artikel 47 en Pro 49 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (A.w.r.) en verder dat voor dat middel en jaar ook niet is voldaan aan de administratieplicht zoals genoemd in artikel 52 van Pro de A.w.r. Ik wil hiervoor verwijzen naar de bijlagen 1 en 2.”.
en:
“
Bijlage 1 Informatiebeschikking d.d.16 december 2011
Coffeeshop [coffeeshop]
“InformatiebeschikkingIk stel vast dat er voor de omzetbelasting voor het belastingjaar 2007 niet is voldaan aan de informatieplicht ingevolge artikel 47 en Pro 49 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (A.w.r.) en verder dat voor dat middel en jaar ook niet is voldaan aan de administratieplicht zoals genoemd in artikel 52 van Pro de A.w.r. Ik wil hiervoor verwijzen naar de bijlage 1.”.en:
“Bijlage 2 Informatiebeschikking d.d. 16 december 2011(…)De conclusie is dat er in geen sluitende (exploitatie-, personeels- en kas) administratie is gevoerd. Verder kom ik tot de vaststelling dat er de gegevens niet zijn bewaard. Het is op geen enkele wijze mogelijk om achteraf de volledigheid van de kosten en omzet vast te stellen laat staan om deze binnen een redelijke termijn te kunnen controleren.
“
InformatiebeschikkingIk stel vast dat er voor de inkomstenbelasting voor het belastingjaar 2008 niet is voldaan aan de informatieplicht ingevolge artikel 47 en Pro 49 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr) en verder dat voor dat middel en jaar ook niet is voldaan aan de administratieplicht zoals genoemd in artikel 52 van Pro de Awr. Ik wil hiervoor verwijzen naar de bijlagen 1 en 2. Ik geef u hiervoor dan ook een informatiebeschikking”.
“Bijlage 1 Informatiebeschikking inkomstenbelasting 2008(…)ConclusiesNiet voldoen aan administratieplicht (artikel 52 Awr Pro)(…)Er is vastgesteld dat:- er geen volledige sluitende goederen en geldbeweging wordt bijgehouden;- (nagenoeg) alle inkopen, verkopen en zakelijke betalingen contant worden verricht;- in de onderneming personeelsleden werkzaam zijn die handelingen kunnen en/of mogen uitvoeren met betrekking tot zowel de voorraad (sd) en de kas;- de belastingplichtige zich derhalve niet gedraagt als een geobjectiveerde ondernemer.
“InformatiebeschikkingIk stel vast dat er voor de omzetbelasting voor het belastingjaar 2008 niet is voldaan aan de informatieplicht ingevolge artikel 47 en Pro 49 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr) en verder dat voor dat middel en jaar ook niet is voldaan aan de administratieplicht zoals genoemd in artikel 52 van Pro de Awr. Ik wil hiervoor verwijzen naar de bijlagen 1 en 2. Ik geef u hiervoor dan ook een informatiebeschikking.(…)”.
“Bijlage 2 Informatiebeschikking omzetbelasting 2008(…)Conclusie(s)
Het geschil spitst zich toe op de vraag of eiser heeft voldaan aan de administratie- en bewaarplicht van artikel 52 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR). Ten aanzien van Coffeeshop [coffeeshop] is tevens de vraag of eiser heeft voldaan aan de inlichtingenplicht van artikelen 47 en 49 van de AWR. Ter zitting heeft verweerder verklaard dat ten aanzien van de prostitutiepanden de informatiebeschikkingen voor zover zij zien op het niet voldoen aan de inlichtingenverplichting (artikelen 47 en 49 van de AWR) dienen komen te vervallen.
- het openen en sluiten van de panden;
- het houden van, al dan niet passief, toezicht;
- identificatie van de prostituees;
- het schoonmaken van delen van de panden;
- het dagelijks innen en afdragen van de gelden;
- zorgdragen voor de overige vereisten van de vergunning.
Eisers stelling dat hij in theorie wel veel arbeid moet verrichten, maar dat het zich in de praktijk oplost omdat de eisen niet altijd gehandhaafd worden, doet daar naar het oordeel van de rechtbank niet aan af. Ook acht de rechtbank het al dan niet verstrekken van beddengoed en handdoeken door eiser aan de prostituees niet van doorslaggevende betekenis. De rechtbank is gelet op het voorgaande van oordeel dat eiser een onderneming uitoefent, en dus administratieplichtige is in de zin van artikel 52, tweede lid, sub b, van de AWR.
Het zesde lid van artikel 52 van Pro de AWR bepaalt dat de administratie zodanig dient te zijn ingericht en te worden gevoerd en dat de gegevensdragers zodanig dienen te worden bewaard, dat controle daarvan door de inspecteur binnen een redelijke termijn mogelijk is. Daartoe verleent de administratieplichtige de benodigde medewerking met inbegrip van het verschaffen van het benodigde inzicht in de opzet en de werking van de administratie.
De rechtbank betrekt in haar oordeel dat de primaire vastleggingen zoals de enveloppen waarop de bezetting en betaling vermeld stonden (zie 1.5) over het jaar 2007 en het jaar 2008, met uitzondering van het eerste kwartaal, niet zijn bewaard (zie 1.6). Ook zijn de kwitanties, die aan de prostituees zijn afgegeven over de periode maart 2007 tot en met maart 2008 niet bewaard. De kasboeken (kasbladen) die na het overlijden van de echtgenote van eiser zijn gevonden en zijn overgelegd maken dit oordeel niet anders. Deze bladen bevatten immers slechts een overzicht van diverse bankstortingen. Zonder primaire vastleggingen, die niet bewaard zijn gebleven, ontbreekt elke controlemogelijkheid.
[coffeeshop]
Naar het oordeel van de rechtbank is het feitelijk ontbreken van een inkoopadministratie op zichzelf reeds voldoende ernstige schending van artikel 52 van Pro de AWR, om de informatiebeschikking zelfstandig te kunnen dragen. Eisers beroepsgronden die zien op de schending van artikel 52 van Pro de AWR, falen.
Omzetbelasting [coffeeshop]
Anders dan eiser kennelijk meent, brengt het vorenstaande niet mee dat eiser de voorbelasting in zijn geheel in aftrek kan brengen. De wettekst van artikel 15, eerste lid, van de Wet OB 1968, zoals deze met ingang van 1 januari 2007 luidt, staat hieraan in de weg. Met ingang van 1 januari 2007 bestaat slechts recht op aftrek van voorbelasting voor zover de goederen en de diensten door de ondernemer worden gebruikt voor belaste handelingen. De verkoop van horecaproducten valt binnen de werkingssfeer van de omzetbelasting.
Vertrouwensbeginsel
Conclusie
Griffierecht
Proceskosten
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- vernietigt de informatiebeschikkingen IB/PVV en omzetbelasting 2007 en 2008 voor zover deze zien op de inlichtingenplicht van artikel 47 en Pro 49 AWR;
- handhaaft de informatiebeschikkingen IB/PVV en omzetbelasting voor zover deze zien op de administratie van de prostitutiepanden en [coffeeshop] over de jaren 2007 en 2008.
- Bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 168 eiser te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten tot een bedrag van € 1.460 te betalen aan eiser.