ECLI:NL:RBNNE:2015:1004
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde en proceskostenvergoeding bij recht van beklemming
De rechtbank Noord-Nederland behandelde het beroep van eiser tegen de vastgestelde WOZ-waarden en de aanslag OZB over twee onroerende zaken per 1 januari 2012. Eiser betwistte de waarde van beide zaken en stelde dat op één perceel een recht van beklemming rust, waardoor hij niet genothebbende zou zijn.
De rechtbank stelde vast dat verweerder de waarde van de onroerende zaken voldoende onderbouwd had met een taxatiematrix en dat eiser geen feiten had aangedragen die een lagere waarde of waardedruk door nabijheid Duitse grens aannemelijk maakten. De waarde van het eerste perceel werd bevestigd op €179.000 en van het tweede perceel op €27.000.
Ten aanzien van het recht van beklemming oordeelde de rechtbank dat eiser onvoldoende bewijs leverde dat dit recht nog bestond, mede omdat de meiers al lang overleden zijn en geen huur werd ontvangen. Hierdoor is eiser genothebbende en terecht aangeslagen.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond vanwege het niet vergoeden van proceskosten door verweerder en veroordeelde verweerder tot vergoeding van griffierechten en proceskosten van €1.217 aan eiser.
Uitkomst: WOZ-waarden bevestigd, recht van beklemming niet aangetoond, proceskostenvergoeding aan eiser toegewezen.