ECLI:NL:RBNNE:2015:2141
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Non-concurrentiebeding werknemer Hornbach niet onbillijk; vorderingen afgewezen
In deze zaak vordert werknemer [A] vernietiging, schorsing of matiging van het non-concurrentiebeding dat hem verbiedt binnen 30 kilometer van Hornbach bij een concurrent te werken, en betaling van ingehouden loon. Hornbach vordert naleving van het beding en dwangsommen bij overtreding.
De kantonrechter stelt vast dat Hornbach en Bauhaus concurrerende bedrijven zijn en dat het beding van toepassing is. De belangenafweging leidt tot de conclusie dat [A] niet onbillijk wordt benadeeld door het beding, mede omdat hij toegang heeft tot concurrentiegevoelige informatie. De stellingen van [A] over ongelijke behandeling van collega’s en gebrek aan vertrouwen in Hornbach wegen niet zwaarder.
De inhouding op het loon van maart 2015 wordt onterecht geacht en moet worden terugbetaald. De dwangsommen worden toegewezen om naleving van het beding af te dwingen. De kosten van het geding worden aan [A] opgelegd. De vorderingen van [A] worden grotendeels afgewezen, die van Hornbach toegewezen.
Het vonnis is gewezen door kantonrechter R. Bootsma en uitgesproken op 30 april 2015.
Uitkomst: De vordering tot vernietiging, schorsing of matiging van het non-concurrentiebeding wordt afgewezen en werknemer wordt veroordeeld tot naleving, met terugbetaling van onterecht ingehouden loon.