ECLI:NL:RBNNE:2015:5016
Rechtbank Noord-Nederland
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens ongeschiktheid werknemer zonder verwijt
De werkgever heeft bij de kantonrechter verzocht om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer op grond van ongeschiktheid tot het verrichten van de bedongen arbeid, anders dan door ziekte of gebreken, en het ontbreken van een redelijke mogelijkheid tot herplaatsing. De werknemer erkende deze ongeschiktheid en het ontbreken van herplaatsingsmogelijkheden, en partijen waren het eens dat de werknemer geen verwijt treft.
De kantonrechter concludeerde dat er een redelijke grond voor ontbinding bestaat op basis van artikel 7:671b lid 1 onderdeel a, in verbinding met artikel 7:669 lid 3 sub d BW Pro. Partijen hadden meerdere gesprekken gevoerd en verbeteracties, waaronder scholing, ondernomen, maar herplaatsing bleek niet mogelijk binnen een redelijke termijn.
De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden met ingang van 1 december 2015, met inachtneming van de opzegtermijn zoals bedoeld in artikel 7:672 BW Pro. Partijen kwamen overeen dat de werknemer geen transitievergoeding ontvangt, behalve een overeengekomen vergoeding voor een outplacementtraject en een beëindigingsvergoeding, maar deze bedragen zijn niet onderwerp van het verzoek geweest.
De kantonrechter bepaalt dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen. De beschikking is op 24 september 2015 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 december 2015 wegens onherstelbare ongeschiktheid van de werknemer zonder verwijt.