Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
vonnis van de kantonrechter d.d. 13 december 2016
[A] ,
Procesverloop
Motivering
De feiten
Artikel 1
€ 900,00(3 punten x tarief € 300,00)
Beslissing
€ 100,00 aan salaris gemachtigde;
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een geschil tussen een beleidsmedewerker en stichting De Friese Koers over de voortzetting van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. De arbeidsovereenkomst liep oorspronkelijk van 1 maart 2012 tot 1 maart 2013 en werd stilzwijgend verlengd tot 1 maart 2015. Na de Provinciale Statenverkiezingen van 18 maart 2015 behaalde De Friese Koers onvoldoende stemmen voor een zetel.
De werknemer stelde dat de arbeidsovereenkomst stilzwijgend was voortgezet na 1 maart 2015 en vorderde loonbetaling en andere vergoedingen. De werkgever betwistte dit en stelde dat de overeenkomst van rechtswege was geëindigd. De kantonrechter overwoog dat enkel doorbetaling van loon onvoldoende is om voortzetting aan te nemen en dat de werknemer onvoldoende heeft onderbouwd dat hij na 1 maart 2015 werkzaamheden heeft verricht.
De kantonrechter concludeerde dat geen sprake was van stilzwijgende voortzetting van de arbeidsovereenkomst en dat de vorderingen van de werknemer daarom worden afgewezen. De werknemer werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitgesproken op 13 december 2016 door kantonrechter R. Giltay.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst is niet stilzwijgend voortgezet na 1 maart 2015 en de vorderingen van de werknemer worden afgewezen.