ECLI:NL:RBNNE:2016:5520
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gebruik kamer in eigen woning als kantoorruimte geen verhuur-plus
De zaak betreft het geschil over de vraag of de verhuur van een kamer in de eigen woning van eiser en zijn partner aan hun BV kwalificeert als een economische activiteit en of sprake is van verhuur-plus. Eiser vordert teruggaaf van voorbelasting, welke door de Belastingdienst is geweigerd.
De rechtbank overweegt dat de verhuur van de kamer met bijkomende voorzieningen zoals stoffering, kantoormeubilair, telefoon- en internetverbinding, gebruik van sanitaire voorzieningen, verwarming en schoonmaak, niet leidt tot een verhuur-plus. Deze bijkomende elementen worden gezien als normale, zaakgerelateerde handelingen zonder toegevoegde waarde van betekenis.
De rechtbank verwijst naar vaste jurisprudentie van de Hoge Raad en het Hof van Justitie EU, waarin verhuur-plus wordt gekenmerkt door bijzondere voorzieningen en aanvullend dienstbetoon dat een wezenlijke toegevoegde waarde heeft. Dit is hier niet het geval.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is het besluit van de Belastingdienst om geen teruggaaf te verlenen terecht. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en het besluit van de Belastingdienst tot het niet verlenen van teruggaaf is bevestigd.