ECLI:NL:RBNNE:2018:4354
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- R.Tj. Terpstra
- Rechtspraak.nl
Niet-aansluiting bij pensioenfonds voor takelen en bergen niet verplicht
In deze zaak stond de vraag centraal of het bedrijf Bergings Centrale Bollenstreek BV (BCB) verplicht is zich aan te sluiten bij het pensioenfonds PF Vervoer en SOOB vanwege haar activiteiten in takelen en bergen. De kantonrechter benoemde een door cao-partijen ingestelde overlegcommissie als deskundige, die een rapport uitbracht over de bedoeling van de cao-partijen met betrekking tot de werkingssfeer van het pensioenfonds.
Uit het deskundigenbericht bleek dat de cao-partijen beoogden dat takelen en bergen onder de verplichtstelling van PMT vallen. BCB voerde aan dat zij jarenlang de cao-MO toepaste, die algemeen verbindend is verklaard voor activiteiten waaronder takelen en bergen van motorvoertuigen. De kantonrechter stelde vast dat takelen en bergen ook vervoersaspecten omvatten, maar dat dit niet leidde tot verplichte aansluiting bij PF Vervoer en SOOB.
De kantonrechter verwierp het standpunt van de overlegcommissie dat een werkingssfeeronderzoek nodig was en dat BCB verplicht zou zijn aangesloten bij PF Vervoer en SOOB vanwege vervoersactiviteiten. De vorderingen van BCB werden deels toegewezen, waaronder de verklaring dat BCB niet verplicht is tot aansluiting bij PF Vervoer en SOOB. Tevens werd PF Vervoer en SOOB veroordeeld tot betaling van proceskosten en tot schadevergoeding aan BCB, die in een aparte procedure vastgesteld zal worden.
Uitkomst: BCB is niet verplicht zich aan te sluiten bij PF Vervoer en SOOB; PF Vervoer en SOOB moeten schadevergoeding en proceskosten aan BCB betalen.