Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie
2.Beoordeling van het bewijs
geldboete ten bedrage van € 300.000,00(zegge: driehonderdduizend euro).
Rechtbank Noord-Nederland
In deze strafzaak staat belastingfraude centraal waarbij verdachte en medeverdachten worden verdacht van het doen van onjuiste of onvolledige aangiften omzet- en vennootschapsbelasting en het niet voeren van een juiste administratie. Het onderzoek richt zich op de periode 2006 tot en met 2011 en betreft twee restaurants in Groningen.
De Belastingdienst voerde heimelijke waarnemingen uit in de restaurants, waarbij het aantal gasten werd geteld en kassabonnen werden verzameld. Deze waarnemingen werden gecombineerd met een analyse van het kassasysteem [BV 3], waarin een verborgen programma ('backup.exe' en 'tetris.exe') werd aangetroffen dat omzet kon verwijderen, wat door deskundigen van het NFI werd onderzocht. Videobeelden toonden handelingen die duidden op manipulatie van de kasgegevens.
De verdediging voerde meerdere verweren aan, waaronder niet-ontvankelijkheid van het OM wegens vormverzuimen en schending van privacy bij heimelijke waarnemingen. De rechtbank oordeelde dat de controlebevoegdheden rechtmatig waren uitgeoefend en dat heimelijke waarnemingen slechts een beperkte inbreuk op de privacy vormden. Wel werden de verklaringen uit de inleidende gesprekken uitgesloten wegens het niet geven van de cautie. De overige bewijzen, waaronder de controlerapporten en bevindingen van het kassasysteemonderzoek, werden als betrouwbaar en toelaatbaar beschouwd.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie wordt ontvankelijk verklaard; heimelijke waarnemingen en kassasysteemonderzoek worden toegelaten als bewijs, maar verklaringen uit inleidende gesprekken worden uitgesloten wegens schending cautieplicht.