ECLI:NL:RBNNE:2019:5320

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
12 november 2019
Publicatiedatum
23 december 2019
Zaaknummer
C/18/180031 / KG ZA 17-270
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:627 BWArt. 7:627 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis correctie wetsartikel in vonnis GGB Installaties B.V. tegen gedaagde

In deze zaak tussen GGB Installaties B.V. en de gedaagde constateerde de voorzieningenrechter een kennelijke schrijffout in het eerder gewezen vonnis van 19 december 2017. In rechtsoverweging 4.4. werd abusievelijk verwezen naar artikel 6:627 BW Pro, terwijl het correcte artikel 7:627 BW Pro betreft.

De voorzieningenrechter oordeelde dat deze fout eenvoudig te herstellen was zonder dat dit het vonnis verder beïnvloedde. Daarom werd het vonnis ambtshalve verbeterd door de verwijzing naar het wetsartikel aan te passen. Het vonnis blijft ongewijzigd voor het overige.

Daarnaast werd bepaald dat de wijziging op de minuut van het oorspronkelijke vonnis wordt vermeld en dat partijen het vonnis na ontvangst van deze aanvullende beslissing aan de griffie retourneren. De uitspraak werd gedaan op 12 november 2019 door de voorzieningenrechter B.R. Tromp.

Uitkomst: Het vonnis van 19 december 2017 wordt ambtshalve hersteld door correctie van het wetsartikel in rechtsoverweging 4.4.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht
Locatie Groningen
zaaknummer / rolnummer: C/18/180031 / KG ZA 17-270
Herstelvonnis in kort geding van 12 november 2019
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
GGB INSTALLATIES B.V.,
gevestigd te Zuidbroek,
eiseres,
advocaat mr. L.S. Slinkman te Hoogezand,
tegen
[naam],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
advocaat mr. M. Helmantel te Sappemeer.
Partijen zullen hierna GGB en [gedaagden] genoemd worden.

1.Ambtshalve verbetering van het vonnis

1.1.
De voorzieningenrechter heeft geconstateerd dat in het vonnis van 19 december 2017 (hierna: het vonnis) een kennelijke schrijffout is geslopen.
1.2.
In rechtsoverweging 4.4. van het vonnis staat '(art. 6:627 BW Pro)', terwijl dit '(art. 7:627 BW Pro)' had moeten zijn.

2.De beoordeling

2.1.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat in het vonnis sprake is van een kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter:
3.1.
verbetert het vonnis in die zin dat waar in r.o. 4.4. van het vonnis staat '
(art.6:627 BW Pro)', wordt gewijzigd in '
(art. 7:627 BW Pro)'.
3.2.
handhaaft het vonnis voor het overige,
3.3.
bepaalt dat deze wijziging onder de vermelding van de datum 12 november 2019 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 19 december 2017,
3.4.
gelast elk van partijen de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 19 december 2017 na ontvangst van deze aanvullende beslissing aan de griffie van de rechtbank te retourneren.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.R. Tromp en in het openbaar uitgesproken op 12 november 2019.