ECLI:NL:RBNNE:2021:4684
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen afwijzing vergoeding mijnbouwschade aan woning in Appingedam
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor vergoeding van aardbevingsschade aan zijn woning in Appingedam. Na opname en advies van deskundigen werden zeven schadeposten beoordeeld, waarvan drie als mogelijk mijnbouwschade werden aangemerkt. Voor schades 4 en 5 werd slechts 10% van de herstelkosten toegekend, omdat deze schade deels was ontstaan op eerder herstelde plekken.
Eiser maakte bezwaar tegen deze beperkte vergoeding en stelde dat het om nieuwe schade ging die volledig vergoed moest worden. Deskundigen van verweerder concludeerden echter dat de schade niet door mijnbouwactiviteiten was veroorzaakt, maar door krimp en uitzetting van materialen. Het bewijsvermoeden van artikel 6:177a BW werd daarmee weerlegd.
De rechtbank toetste de deskundigenadviezen en concludeerde dat verweerder met voldoende zekerheid een andere oorzaak dan mijnbouwschade aannemelijk had gemaakt. Eiser bracht geen concrete aanwijzingen voor twijfel aan deze conclusies naar voren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek tot vergoeding van proceskosten afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het besluit van het Instituut Mijnbouwschade Groningen is ongegrond verklaard.