Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
d.d. 3 augustus 2023 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte
[verdachte] ,
Tenlastelegging
- een of meerdere malen met zijn auto langs de woning van die [slachtoffer 2] te rijden en/of bij diewoning stil te staan en/of daarbij een of meerdere malen harde muziek af te spelen en/of - (meermalen) het erf van die [slachtoffer 2] te betreden en/of een (witte)tekening verzwaard met munten in de tuin van die [slachtoffer 2] neer te leggen en/of
- richting de voordeur van die [slachtoffer 2] te lopen en/of (vervolgens) in de brievenbus van die[slachtoffer 2] een brief te doen met de tekst: “De gemaakte kosten even overmaken graag, anders volgen er andere acties” of woorden van gelijke strekking, en/of
- een brandende fles onder het/een raam (van de woonkamer) van de woning van die [slachtoffer 2] te plaatsen;
Beoordeling van het bewijs
Feit 2
Bewezenverklaring
- een colafles met motorolie onder de auto en in de voortuin van die [slachtoffer 2] te leggen en- meerdere malen met zijn auto langs de woning van die [slachtoffer 2] te rijden en bij die woning stil te staan en daarbij harde muziek af te spelen en
- het erf van die [slachtoffer 2] te betreden en een tekening verzwaard met munten in de tuin van die[slachtoffer 2] neer te leggen en
- richting de voordeur van die [slachtoffer 2] te lopen en vervolgens in de brievenbus van die[slachtoffer 2] een brief te doen met de tekst: “De gemaakte kosten even overmaken graag, anders volgen er andere acties” en
- een brandende fles onder het raam van de woonkamer van de woning van die [slachtoffer 2] teplaatsen;
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op:
3. Handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 365 dagen
een gedeelte, groot 180 dagen,niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op 3 jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen vaneen of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van hetWetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen.
de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid van veroordeelde,inhoudende:
- het bedrag van € 1000,- (zegge: duizend euro);
- de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 november 2022 tot de dag van algehele voldoening;
- de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerleggingvan deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op nihil.