De zaak betreft het beroep van eiser tegen twee besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden: een tijdelijke omgevingsvergunning en een geluidsontheffing voor een muziekfestival in juli 2021 op een perceel in Leeuwarden. Eiser betoogde dat er een actueel procesbelang bestaat vanwege toekomstige festivals en de geluidsnormering.
De rechtbank overweegt dat het festival sinds 2021 niet meer is georganiseerd en dat het toetsingskader is gewijzigd door een nieuw bestemmingsplan en een aangepaste beleidsregel geluid. Hierdoor is het betoog van eiser dat het oordeel van de rechtbank relevant is voor toekomstige besluiten onvoldoende aannemelijk gemaakt. Ook is niet aannemelijk dat eiser schade heeft geleden door de besluiten. Daarom ontbreekt een actueel procesbelang en is het beroep niet-ontvankelijk.
Daarnaast is de procedure langer dan de redelijke termijn van twee jaar geduurd, mede door de inschakeling van deskundigenadvies van de StAB. De rechtbank stelt de overschrijding vast op tien maanden en veroordeelt de Staat tot betaling van een immateriële schadevergoeding van €1.000,- aan eiser. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.