Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[betrokkene] (de betrokkene),
Inleiding
Beoordeling door de kantonrechter
Ik had graag inhoudelijk beroep gevoerd, maar aangezien er geen meting is is dat niet mogelijk.”Dit kan niet worden aangemerkt als een verzoek om de, op de zaak betrekking hebbende, stukken te ontvangen. De CVOM was daarom niet gehouden om deze naar betrokkene te sturen en heeft voldaan aan zijn informatieverplichting. Hierdoor is geen sprake van strijd met het bepaalde in artikel 7:18 van Pro de Awb. De kantonrechter zal vervolgens overgaan tot de beoordeling van het beroep tegen de inleidende beschikking.
Dacht dat ik 120 a 130 reed. Wist dat ik te hard reed maar niet dat ik zo hard reed.” Bovendien vermeldt de kalibratietabel, die bij het dienstvoertuig met dit kenteken hoort, welke werkelijke snelheden horen bij de snelheden die op de boordsnelheidsmeter worden afgelezen. De werkelijke snelheid volgens de kalibratietabel betreft dus niet een correctie van de meting. [1] In de 'Aanwijzing meting snelheidsoverschrijdingen' staat dat, bij een gemeten snelheid van 134 t/m 166 km/u, de correctie 5 km/u bedraagt. Dat is ook de correctie die hier is toegepast. De gedraging kan daarom worden vastgesteld.
"Graag hoor ik van jullie. Telefonisch ben ik bereikbaar op [nummer]."Dit kan niet worden aangemerkt als een verzoek om te worden gehoord, waarbij meeweegt dat betrokkene bekend en ervaren zegt te zijn met bestuursrechtelijke procedures. De kantonrechter oordeelt dan ook dat het CVOM in dit geval niet gehouden was om betrokkene uit te nodigen voor een hoorzitting.
Conclusie
- verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;
- vernietigt die beslissing;
- wijzigt de inleidende beschikking en matigt de sanctie tot € 339,00 (inclusief administratiekosten);
- bepaalt dat betrokkene het teveel betaalde aan zekerheidstelling terugkrijgt.