Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 december 2025 in de zaak tussen
[eiser 4] ,uit [plaats 1] , eiser sub 4
,eiser sub 5,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Smallingerland
[naam 1]uit [plaats 2] (vergunninghouder).
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
[document] ’is alleen door hem ondertekend en bevat alleen zijn naam. Eiser sub 1 schrijft daarin weliswaar over de belangen van anderen, maar uit de brief valt niet op te maken dat het beroep ook namens hen is ingediend. Ook uit de eerder in bezwaar door eiser sub 1 ingediende handtekeningenlijsten kon dit niet worden opgemaakt, nu daarin 25 namen zijn genoemd en daaruit dus niet kon worden afgeleid dat van deze 25 namen alleen eisers sub 2 tot en met 5 beroep wilden instellen. Dit betekent dat eisers sub 2 tot en met 5 niet-ontvankelijk zijn in hun beroep. De rechtbank bespreekt hun beroepen daarom niet inhoudelijk.
- de representatieve bedrijfssituatie is niet nauwkeurig genoeg beschreven;
- het gebruikte bronvermogen klopt niet;
- de gebruikte frequentiebanden kloppen niet;
- er is geen rekening gehouden met het gelijktijdig blaffen van honden;
- er is geen rekening gehouden met de indirecte hinder van het verkeer naar de hondenschool.
Beslissing
- verklaart het beroep van eiser sub 1 gegrond;
- verklaart de beroepen van eisers sub 2, eisers sub 3, eiser sub 4 en eiser sub 5
- vernietigt het besluit van 1 juli 2024;
- draagt het college op een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat het college het griffierecht van € 187,- aan eisers moet vergoeden.