ECLI:NL:RBNNE:2026:1305
Rechtbank Noord-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- A.G.Z. Lagerweij
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen boete parkeren voor inrit ondanks betwisting locatie en hinder
Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens het parkeren voor een in- of uitrit op 19 oktober 2024 in Groningen. Betrokkene betwist de overtreding, onder meer omdat de locatie op de boete onjuist zou zijn en omdat zijn voertuig de in- en uitrit niet zou hebben geblokkeerd.
De kantonrechter oordeelt dat de juiste locatie is vermeld en dat de verklaring van de verbalisant en de foto's voldoende bewijs vormen. Het verbod om te parkeren voor een in- of uitrit is absoluut, waardoor het niet uitmaakt of er daadwerkelijk hinder is veroorzaakt.
Ook het ontbreken van bebording of markering ter plaatse doet niet af aan de overtreding. De kantonrechter ziet geen reden om de boete te matigen of te vernietigen en verklaart het beroep ongegrond.
Betrokkene werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na toezending van de beslissing.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor parkeren voor een inrit wordt ongegrond verklaard.