ECLI:NL:RBNNE:2026:3085
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rijgeschiktheid en schorsing rijbewijs na ademanalyse met hoog alcoholgehalte
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft het besluit van het CBR om aan eiser een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid op te leggen en zijn rijbewijs te schorsen na een ademanalyse die een alcoholgehalte van 1205 μg/l (2,772 ‰) aantoonde. Eiser betwistte het besluit, stellende dat het politiedossier tegenstrijdige informatie bevatte over de naleving van de 20-minutenregel tussen het voorlopige ademonderzoek en de ademanalyse, en dat het CBR in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur had gehandeld door het politiedossier als basis te nemen.
De rechtbank oordeelde dat het CBR geen objectieve redenen had om aan de juistheid van de processen-verbaal in het politiedossier te twijfelen. Uit het dossier bleek dat de 20-minutenregel was nageleefd, ondanks enkele tegenstrijdigheden in tijdstippen, die door de verbalisanten overtuigend waren toegelicht. De strafrechtelijke vrijspraak van eiser door de politierechter was niet doorslaggevend in deze bestuursrechtelijke procedure.
De rechtbank concludeerde dat het CBR terecht de resultaten van de ademanalyse als grondslag voor het besluit gebruikte en dat het beroep ongegrond is. Het bestreden besluit blijft daarmee in stand, en eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het CBR-besluit wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.