ECLI:NL:RBOBR:2013:4820
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Venekamp
- M.M.L. Wijnen
- P.H.C. Schoemaker
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen boete voor overtreding Meststoffenwet door landbouwbedrijf
Eiser en zijn broer exploiteren een aannemersbedrijf en bezitten vijftien hectare landbouwgrond die zij verpachten. In 2011 heeft eiser zelf landbouwgrond gebruikt en daarop maïs geteeld. Verweerder legde eiser een boete op wegens overschrijding van de gebruiksnormen voor dierlijke meststoffen en fosfaat. Eiser voerde aan dat hij geen landbouwbedrijf was en dat de overtreding niet aan hem toe te rekenen was, omdat een loonwerker de mest uitreed zonder specifieke instructies.
De rechtbank oordeelt dat het bedrijf van eiser terecht als landbouwbedrijf is aangemerkt, omdat hij daadwerkelijk landbouwactiviteiten verrichtte en de administratie in Nederland voerde. De Memorie van Toelichting bij de Meststoffenwet ondersteunt een ruime interpretatie van het begrip landbouwbedrijf, waarbij grond zonder gebouwen niet als bedrijf wordt aangemerkt, tenzij sprake is van buitenlandse bedrijven, wat hier niet het geval is.
Verder stelt de rechtbank vast dat de overtreding aan eiser toe te rekenen is, omdat de fysieke handeling binnen zijn machtssfeer plaatsvond en hij tekortschiet in het geven van specifieke instructies aan de loonwerker om binnen de gebruiksnormen te blijven. Het beroep faalt en wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de boete wegens overtreding van de Meststoffenwet wordt ongegrond verklaard.